◷ 7 min leestijd
Als je je een beetje in collageen verdiept, kom je er al snel achter dat het woord collageen eigenlijk een verzamelnaam is. Er bestaan namelijk meerdere typen, en ze doen niet allemaal hetzelfde in je lichaam. Het ene type zit vooral in je huid, haar en nagels, het andere in je kraakbeen, en weer een ander geeft je bindweefsel zijn soepelheid. Wat ik vrouwen in mijn werk vaak vertel, is dat de vraag niet zozeer is of je collageen neemt, maar welk type en uit welke bron. In deze blog neem ik je mee langs de verschillende typen collageen, waar ze in je lichaam zitten, en hoe je bepaalt welke soort het beste bij jou past.
Collageen is de bouwstof van bijna alles in je lichaam
Voordat we naar de typen gaan, is het handig om te weten wat collageen precies is. Collageen is de meest voorkomende bouwstof in je lichaam. Je huid, je haar, je nagels, je pezen, je kraakbeen, je botten en zelfs de wanden van je bloedvaten zijn er voor een groot deel van gemaakt. Je kunt het een beetje zien als het cement tussen de bakstenen: de stof die alles stevigheid, vorm en veerkracht geeft.
Op moleculair niveau is collageen een eiwit, opgebouwd uit aminozuren die zich als een gedraaide touwladder om elkaar heen wikkelen. Drie aminozuren spelen daarin de hoofdrol. Glycine, het allerkleinste aminozuur, zit op elke derde plek in de keten en houdt die strakke draai op zijn plaats. Proline en lysine geven de helix zijn stabiliteit, en die haal je vooral uit eiwitrijke voeding zoals vis, gevogelte, eieren, peulvruchten en vlees. In je huid zijn het speciale cellen, de fibroblasten, die dit allemaal in elkaar zetten. Ik noem die fibroblasten weleens de fabriekjes van je bindweefsel, want zij draaien overdag door om nieuw collageen en elastine te maken.
Het gekke is dat je die aanmaak niet voelt zolang hij soepel loopt. Maar vanaf ongeveer je 25e begint je lichaam er elk jaar wat minder van te maken. Na je 30e verlies je gemiddeld een tot drie procent per jaar, en tussen je 30e en 40e kan dat oplopen tot zo'n dertig procent minder collageen in je huid en bindweefsel. Dat is precies de fase waarin veel vrouwen bij mij aankloppen, omdat ze merken dat hun huid wat van haar volume en veerkracht inlevert.
Waarom er verschillende typen collageen bestaan
In je lichaam zijn tot nu toe zo'n achtentwintig verschillende typen collageen beschreven. Dat klinkt als veel, maar in de praktijk draait het om een handvol die er echt toe doen. Als je collageen als voedingssupplement kiest, gaat het eigenlijk altijd om drie hoofdtypen. Ik loop ze een voor een met je langs, zodat je herkent welk type waar in je lichaam zit.
Type I: huid, haar, nagels en botten
Type I is verreweg het belangrijkste. Van al het collageen in je lichaam is ongeveer negentig procent van dit type. Je vindt het terug in je huid, haar, nagels, botten, pezen, ligamenten, spieren, orgaanwanden en bloedvatwanden. Het is de bouwstof die je huid stevigheid en veerkracht geeft. Voor iedereen die vooral met haar huid, haar en nagels bezig is, is dit dus het type dat telt.
Type II: kraakbeen en gewrichten
Type II vind je vooral in je kraakbeen. Het is het collageen dat in je gewrichten zit, tussen de botten waar beweging plaatsvindt. Waar type I gaat over stevigheid van huid en bindweefsel, hoort type II bij de soepele, verende delen van je lichaam. Dit type haal je van nature vooral uit kippencollageen.
Type III: soepel bindweefsel en een jonge huid
Type III werkt in je lichaam nauw samen met type I. Je vindt het in je huid, je bloedvaten en je organen, en het zorgt voor de soepelheid van je bindweefsel en het vasthouden van vocht in de huidstructuur. In een jonge huid zit relatief veel type III. Interessant detail uit mijn vak: als je huid een litteken maakt, wordt er eerst vooral type III aangelegd, dat later deels wordt omgezet naar het stevigere type I. Type I en III zijn samen dan ook het duo dat je in de huid het liefst goed op peil houdt.
Naast deze drie ken je nog type IV en V, die een rol spelen in de diepere lagen van je huid en rond je cellen. Voor collageen dat je inneemt, zijn type I, II en III de typen waar je op let.
De bron bepaalt welk type je binnenkrijgt
Hier wordt het praktisch, want het type collageen hangt sterk samen met de bron waar het vandaan komt. Collageen is altijd van dierlijke oorsprong, en de drie bronnen die je op de markt tegenkomt zijn vis, rund en kip. Elk daarvan levert een ander type en heeft zijn eigen eigenschappen.
Viscollageen: rijk aan type I en licht opneembaar
Viscollageen, ook wel marine collagen genoemd, is van nature rijk aan type I, precies het type dat je het meest terugvindt in huid, haar en nagels. Wat viscollageen daarnaast bijzonder maakt, is het lage moleculaire gewicht. De collageenpeptiden zijn zo klein geknipt dat je lichaam ze snel herkent en opneemt. Je kunt het vergelijken met bouwmateriaal dat al hapklaar op de bouwplaats wordt afgeleverd, in plaats van in grote brokken die eerst nog gebroken moeten worden.
Rundercollageen: type I en III, maar let op Neu5Gc
Rundercollageen bevat naast type I ook type III, maar is vaak minder zuiver en wordt doorgaans minder goed opgenomen dan viscollageen. Er speelt bovendien nog iets. Rundercollageen kan sporen bevatten van een molecuul dat Neu5Gc heet, een suikerachtig bestanddeel dat het menselijk lichaam als lichaamsvreemd herkent. We maken dit molecuul zelf niet aan, maar krijgen het binnen via dierlijke producten, vooral uit rood vlees. Bij regelmatige inname wordt het in je weefsels ingebouwd, waar je afweer erop kan reageren. Als je gevoelig bent of je lichaam liever rust gunt, is dit een reden om voor vis te kiezen in plaats van rund.
Kippencollageen: de bron van type II
Kippencollageen is de klassieke bron van type II, het collageen uit kraakbeen. Ligt jouw aandacht meer bij het kraakbeen en de gewrichten dan bij je huid, dan is dit het type dat daar van nature bij hoort.
Nog een verschil waar je op mag letten is de vorm. Gelatine is collageen dat uit gekookte botten en huid komt en nog vrij grof is. Gehydrolyseerd collageen, ook wel collageenhydrolysaat, is een stap verder bewerkt: de eiwitketens zijn in kleine peptiden geknipt, waardoor je lichaam er sneller mee uit de voeten kan. Voor een supplement dat je dagelijks gebruikt, is die gehydrolyseerde, licht opneembare vorm de prettigste keuze.
Welk type collageen past bij jou?
Nu je de typen en de bronnen kent, kun je de vertaalslag naar jezelf maken. Wil je je huid, haar en nagels van binnenuit voeden, dan is type I het type dat daar van nature het meest voorkomt, en viscollageen de bron die daar het rijkst aan is en het prettigst wordt opgenomen. Gaat je aandacht juist uit naar je kraakbeen en gewrichten, dan kom je uit bij type II uit kippencollageen. En omdat je huid ook baat heeft bij soepel bindweefsel, is een combinatie van type I en III uit vis voor de meeste vrouwen de meest complete basis.
Maar hier komt het punt waar veel collageensupplementen de plank misslaan. Collageen zelf is een bouwstof, en bouwstoffen alleen zijn niet genoeg. Stel je bouwt een huis. Dan heb je bakstenen nodig, dat is je collageen. Maar zonder specie, zonder gereedschap en zonder een goede bouwploeg blijft het een stapel losse stenen. Datzelfde geldt in je lichaam. Collageen heeft meewerkende vitamines en mineralen nodig, de cofactoren, om er iets stevigs van te bouwen.
- Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid.1
- Koper draagt bij tot de instandhouding van normaal bindweefsel.2
- Mangaan draagt bij tot de normale vorming van bindweefsel in kraakbeen en botten.3
- Zink helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit en houdt het haar sterk.4
- Biotine draagt bij aan het behoud van normaal haar en normale nagels.5
Zie je wat hier gebeurt? Het type collageen kies je op basis van wat je wilt voeden, maar of je lichaam er echt mee aan de slag kan, hangt af van de cofactoren die je erbij aanreikt. Een collageen zonder die meewerkende stoffen is als bakstenen zonder bouwploeg.
Waarom ScKIN Collagen+ kiest voor type I en III uit vis
Precies op dat idee is ScKIN Collagen+ gebouwd. De basis is zuiver viscollageen van het merk Naticol, met een laag moleculair gewicht onder de 4000 Dalton, zodat je lichaam het snel opneemt. Dat viscollageen levert vooral type I, met daarnaast type III, het duo dat je huid, haar en nagels van binnenuit voedt en je bindweefsel soepel houdt. Bewust dus vis en geen rund, zodat je geen Neu5Gc binnenkrijgt.
Maar het viscollageen is pas het begin. Waar de meeste merken blijven steken bij collageen met een beetje vitamine C, telt ScKIN Collagen+ maar liefst 32 ingredienten. Daar zitten de cofactoren bij die je hierboven zag, vitamine C, koper, mangaan, zink en biotine, samen met hyaluronzuur, en de aminozuren en plantenstoffen die de formule compleet maken. Ook glucosamine, chondroitine en MSM zijn opgenomen als onderdeel van de formule. Zo krijg je niet alleen de bouwstof, maar ook de bouwploeg die ermee werkt, in een maatschep per dag. En dat alles zonder toegevoegde suikers, zoetstoffen of onnodige vulmiddelen, want suiker werkt je collageen via glycatie juist tegen.
Hoe je je collageen het beste gebruikt
Het juiste type kiezen is stap een. Er trouw mee omgaan is stap twee, en eigenlijk de belangrijkste. Je huid vernieuwt zich gemiddeld elke achtentwintig tot veertig dagen en je bindweefsel heeft nog wat meer tijd nodig, dus geef het rustig twee tot drie maanden en gebruik het elke dag. De dosering stem je af op je leeftijd: onder de dertig een derde maatschep als preventief onderhoud, tussen de dertig en veertig een halve tot hele maatschep, en vanaf veertig een volle maatschep per dag.
Voor de opname neem je het collageen het liefst in de ochtend op een lege maag of bij het ontbijt. Los een maatschep op in water, een sapje of een smoothie, en roer of shake het goed. Doe dat niet in een warme drank, want de vitamines en mineralen in de formule houden niet van hitte. Zo geef je je huid de bouwstoffen en de bouwploeg tegelijk, en help je je fibroblasten om hun werk vol te blijven houden.
1 Vitamine C (500 mg, 625% RI) draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid en helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade.
2 Koper (2 mg, 200% RI) draagt bij tot de instandhouding van normaal bindweefsel.
3 Mangaan (2 mg, 100% RI) draagt bij tot de normale vorming van bindweefsel in kraakbeen en botten.
4 Zink (25 mg, 250% RI) helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit, houdt het haar sterk en draagt bij aan een normale celdeling.
5 Biotine (50 mcg, 100% RI) draagt bij aan het behoud van normaal haar en normale nagels en helpt een normale huid in stand houden.




