◷ 6 min leestijd
In het vorige artikel keken we naar hoe je ogen van licht een beeld maken, en zagen we dat het netvlies achterin je oog eigenlijk zenuwweefsel is: een uitloper van je brein. Ik eindigde met een belofte, namelijk dat ik je zou meenemen in één specifieke bouwsteen die daar in verrassend hoge hoeveelheden zit. Dat vetzuur heet DHA, en het verhaal erachter vind ik een van de mooiste in mijn vak.
Wat DHA eigenlijk is
DHA is een omega 3 vetzuur. Omega 3 is een familie van vetten die je vooral uit vette vis en uit het water haalt, en DHA is daarvan het langste en meest gebogen lid. Juist die lange, soepele vorm maakt DHA bijzonder. Het is namelijk niet zomaar brandstof die je verbrandt voor energie, het is een bouwsteen. DHA gaat als een baksteen de wand van je cellen in, en dan vooral de wand van zenuwcellen.
En hier komt het bij je ogen samen. Als je zou kunnen inzoomen op de lichtgevoelige cellen in je netvlies, zie je laag na laag membraan, en die membranen zitten boordevol DHA. Van alle plekken in je lichaam is het netvlies een van de meest DHA-rijke die er is. Dat is geen toeval. Je lichaam kiest bewust voor DHA op de plekken waar het snel moet gaan.
Waarom uitgerekend dit vetzuur
Denk nog even terug aan het celmembraan als het muurtje om de cel, met specie ertussen die het soepel houdt. De soort vetten in dat muurtje bepaalt hoe buigzaam het is. Met stugge vetten wordt het een stijve, harde wand. Met DHA erin wordt het juist heel soepel en beweeglijk. En in je lichtcellen moet het razendsnel gaan: licht valt binnen, er moet in een oogwenk een chemische omslag plaatsvinden, en er moet een signaal vertrekken. Dat lukt alleen als het membraan waarin dat gebeurt lekker soepel is. Je kunt het vergelijken met een stroomdraad die goed geïsoleerd is, zodat het signaal netjes en snel doorloopt zonder onderweg weg te lekken.
Zo bekeken is DHA in je netvlies niet een leuk extraatje, maar bouwmateriaal dat de klus mogelijk maakt. De cellen die licht omzetten in een signaal, zijn letterlijk voor een groot deel opgebouwd uit dit vetzuur.
Er is nog iets wat DHA in je netvlies zo bijzonder maakt, en dat is dat het voortdurend wordt ververst. De uiteinden van je lichtcellen slijten door het onophoudelijke werk van licht opvangen, en je lichaam ruimt de versleten stukken op en bouwt er nieuwe voor in de plaats. Voor dat vernieuwen is telkens opnieuw DHA nodig. Je netvlies is dus niet één keer opgebouwd en daarna klaar, het vraagt dag in dag uit om verse aanvoer van dit vetzuur. Daarmee wordt meteen duidelijk waarom het uitmaakt wat er structureel op je bord ligt, en niet alleen wat je een enkele keer eet.
Het verhaal van vroeger, dat nog steeds meespeelt
Binnen de kPNI kijken we graag naar hoe de mens is geworden wie hij is, want dat verklaart vaak waarom ons lichaam werkt zoals het werkt. En over DHA is een prachtig verhaal te vertellen. Onderzoek laat zien dat vroege mensen die langs de kust en aan het water leefden, veel schaal- en schelpdieren en vette vis aten. Die voeding zit bomvol DHA en jodium. Men gaat ervan uit dat juist die rijke aanvoer van DHA heeft bijgedragen aan de groei van het menselijk brein, dat in de loop van de evolutie flink groter en complexer is geworden.
Ik vind dat een mooi inzicht, want het laat zien hoe diep dit vetzuur in ons zit ingebakken. Ons zenuwstelsel is als het ware gebouwd met DHA uit het water. En omdat je netvlies bij dat zenuwstelsel hoort, geldt hetzelfde voor je ogen. Wat het brein liet groeien, is precies wat achterin je oog het opvangen van licht mogelijk maakt.
De adder onder het gras: je maakt het niet zelf
Dan komt het onderdeel dat het praktisch maakt. Zoals ik in het vorige artikel al noemde, is DHA een essentieel vetzuur. Dat betekent dat je lichaam het niet in de benodigde hoeveelheden zelf kan aanmaken. Je bent dus voor de aanvoer afhankelijk van wat er op je bord ligt. Er is wel een omweg, want je lichaam kan uit plantaardige omega 3, zoals uit lijnzaad en walnoten, een beetje DHA proberen te maken. Maar die omzetting verloopt bij de meeste mensen maar mondjesmaat. Het grootste deel van je DHA komt daarom rechtstreeks uit vette vis en uit het water.
Even praktisch, want dat is denk ik waar je iets aan hebt. De rijkste bronnen van DHA zijn vette vissoorten: zalm, makreel, haring, sardines en ansjovis. Ook forel en paling bevatten er flink wat van. Eet je van dat soort vis een paar keer per week, dan krijg je op een natuurlijke manier DHA binnen. Eet je zelden vis, dan is de aanvoer een stuk kariger, en dat is goed om je van bewust te zijn.
Vroeger, toen vis en schaaldieren een groot deel van het menu vormden, was die aanvoer vanzelfsprekend. In ons huidige eetpatroon staat vette vis een stuk minder vaak op tafel, terwijl je netvlies en je brein nog altijd met datzelfde vetzuur werken als al die duizenden jaren geleden. Dat is precies zo'n punt waar we binnen de kPNI graag bij stilstaan: je lichaam vraagt nog steeds om de bouwstoffen van toen, terwijl ons bord er inmiddels heel anders uitziet.
Wat je hiervan mee kunt nemen
De kern van dit artikel is simpel. Achterin je oog, in het netvlies, zit een lichtgevoelig laagje zenuwweefsel dat voor een groot deel is opgebouwd uit DHA, een omega 3 vetzuur uit vette vis. Het maakt de membranen van je lichtcellen soepel, zodat licht vlot een signaal kan worden. En omdat je dit vetzuur niet zelf aanmaakt, komt het uit je voeding, vooral uit vette vis.
In het volgende artikel word ik heel praktisch. We leven namelijk in een tijd waarin we onze ogen anders belasten dan ooit, met schermen van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Ik loop met je langs wat je zelf kunt doen om je ogen door zo'n dag heen te helpen, van hoe je met je scherm omgaat tot wat er op je bord ligt.




