ScKIN Journal
Vitamine D uit voeding, zon en aanvulling: waar je het vandaan haalt
◷ 6 min leestijd In deze reeks hebben we een mooie route afgelegd. We zagen hoe breed vitamine D meedraait in je lichaam, van je botten tot je afweer. We keken naar wat je zelf kunt doen met zon, voeding en beweging. En in het vorige artikel dook ik met je de diepte in: hoe je lichaam vitamine D aanmaakt, omzet met behulp van magnesium en uiteindelijk in de cel gebruikt. In dit laatste deel breng ik het praktisch samen. Want de kernvraag blijft: waar haal je die vitamine D het hele jaar door vandaan? Zon en voeding: de basis, met een grens Je huid is en blijft je belangrijkste bron van vitamine D, en in de zomermaanden kun je daar goed op leunen. Daarnaast levert je voeding een bijdrage, vooral vette vis, en in mindere mate eieren, schelpdieren en paddenstoelen. Dat samen vormt een prima basis. Alleen loopt die basis in ons klimaat tegen een grens aan. Van ongeveer november tot maart staat de zon te laag om je huid nog vitamine D te laten maken, en uit voeding alleen is het lastig om er ruim voldoende van binnen te krijgen. Precies daar ontstaat bij veel mensen de wens om er iets bij te doen. Een dagelijkse aanvulling als praktische route Daarom kiezen veel mensen ervoor om vitamine D het hele jaar door aan te vullen, en zeker in het najaar en de winter. Dat is geen vervanging van goed eten en naar buiten gaan, en zo bedoel ik het ook niet. Zie het als een manier om je basis stabiel te houden in de maanden waarin de zon het even laat afweten. Een vaste, rustige gewoonte, elke dag hetzelfde moment. Waar je op let bij een vitamine D-aanvulling Als je voor een aanvulling kiest, dan zijn er een paar dingen die het verschil maken. Ten eerste de vorm. Vitamine D3, ook wel cholecalciferol genoemd, is de vorm die je lichaam het efficiëntst gebruikt, en het is dezelfde vorm die je huid van nature aanmaakt. Ten tweede de opname. Vitamine D is vetoplosbaar, dus je neemt het beter op als het is opgelost in een olie. Mijn voorkeur gaat daarbij uit naar olijfolie in plaats van zonnebloemolie, omdat zonnebloemolie als dagelijkse dragerolie minder gelukkig is. En ten derde: neem een vetoplosbare vitamine altijd samen met een maaltijd, dan wordt hij het best opgenomen. Vitamin D+ van ScKIN Met die punten in gedachten hebben we bij ScKIN Vitamin D+ samengesteld. Het levert per dag 75 microgram vitamine D3, oftewel 3000 internationale eenheden, in een zachte softgel die is opgelost in extra vierge olijfolie voor een goede opname.1 Je neemt er eentje per dag, tijdens of vlak na de maaltijd. Eén ingrediënt, helder en overzichtelijk, precies zoals ik het zelf graag zie. De erkende bijdragen van vitamine D zijn breed. Vitamine D draagt bij aan de instandhouding van sterke botten en aan een sterk gebit.2 Vitamine D draagt bij aan een normale spierwerking.3 Vitamine D draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem.4 Vitamine D speelt een rol in de calciumhuishouding en draagt bij aan de opname van calcium en fosfor uit voeding.5 En vitamine D speelt een rol bij een normale celdeling.6 Dat is een mooi breed fundament voor zo'n eenvoudige, enkelvoudige vitamine. Denk je aan magnesium uit het vorige artikel? Dat blijft een fijn setje, omdat magnesium meehelpt bij het activeren van vitamine D. Voor de vitamine D zelf houd ik het hier graag zuiver: een dagelijkse, goed opneembare bron, opgelost in olijfolie. In de praktijk werkt het het prettigst om je softgel te koppelen aan een vaste maaltijd, bijvoorbeeld je ontbijt of je lunch. Omdat vitamine D het beste wordt opgenomen met wat vet erbij, is een moment waarop je toch al eet sowieso het slimste haakje. Zo wordt het een automatisme en hoef je er verder niet meer over na te denken, ook niet in de drukke maanden waarin dit soort dingen er anders bij inschieten. Waarom we het enkelvoudig houden Je ziet vitamine D vaak in combinatiepreparaten zitten, samen met van alles en nog wat. Ik kies er bewust voor om het zuiver te houden: één vitamine, in een goed opneembare vorm. Dat heeft een praktische reden. Vitamine D wil ik namelijk kunnen afstemmen op wat iemand nodig heeft, en dat gaat het makkelijkst als er niet allerlei andere stoffen aan vastzitten die je dan noodgedwongen mee omhoog of omlaag beweegt. Een heldere, enkelvoudige basis geeft je die vrijheid. Wil je meer, dan kun je altijd gericht iets toevoegen, zoals de magnesium waar we het eerder over hadden. Bekijk Vitamin D+ Nog even dit Vitamin D+ is niet geschikt voor kinderen onder de tien jaar. Ben je zwanger, geef je borstvoeding, gebruik je medicijnen of ben je onder behandeling, raadpleeg dan altijd even een deskundige voordat je met een aanvulling begint. En houd je aan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid, meer is hier niet beter. Tot slot Als je één ding uit deze reeks meeneemt, laat het dan dit zijn: vitamine D is een rustige, geduldige stof die op de achtergrond veel voor je doet, mits je zorgt dat er het hele jaar door genoeg van binnenkomt. Benut de zon in de zomer, zet vette vis op je menu, denk aan je magnesium, en vul aan waar de seizoenen het laten afweten. Kleine, gestage keuzes, dat is precies hoe je lichaam het het liefst heeft. Een hele fijne dag, en vraag gerust advies als je ergens tegenaan loopt, we helpen je heel graag verder. 1 ScKIN Vitamin D+ is opgelost in olijfolie voor optimale biologische beschikbaarheid. 2 Vitamine D draagt bij aan de instandhouding van sterke botten en aan een sterk gebit. 3 Vitamine D draagt bij aan een normale spierwerking. 4 Vitamine D draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem. 5 Vitamine D speelt een rol in de calciumhuishouding en draagt bij aan de opname van calcium en fosfor uit voeding. 6 Vitamine D speelt een rol bij een normale celdeling. Voedingssupplementen zijn geen vervanging van een gevarieerde voeding en een gezonde leefstijl. Raadpleeg bij zwangerschap, lactatie, medicijngebruik of ziekte altijd een deskundige. Lees ook Waarom vitamine D zoveel meer doet dan je denkt Wat je zelf kunt doen om je vitamine D op peil te houden De diepere laag onder je vitamine D: hoe je lichaam het aanmaakt en activeert
Learn moreDe diepere laag onder je vitamine D: hoe je lichaam het aanmaakt en activeert
◷ 6 min leestijd In de eerste twee artikelen keken we naar wat vitamine D allemaal doet en hoe je er zelf voor kunt zorgen dat je genoeg binnenkrijgt. Nu gaan we een laag dieper, want dit is waar het vak van de kPNI over gaat: niet naar losse stukjes kijken, maar naar hoe alles in je lichaam samenwerkt. En bij vitamine D is dat samenspel echt de moeite waard om te begrijpen. Van zonlicht tot bouwstof Het begint in je huid. Onder invloed van zonlicht zet je huid een afgeleide van cholesterol om in een voorloper van vitamine D, en daaruit ontstaat vervolgens vitamine D3. Interessant genoeg is dat nog niet de vorm die je cellen kunnen gebruiken. Wat je huid maakt is een soort grondstof die wordt opgeslagen in je vetweefsel, klaar om verder bewerkt te worden. Je kunt het vergelijken met meel: het is de basis voor het brood, maar je kunt er nog niet in happen. En hier speelt al meteen iets mee wat lang niet iedereen weet: hoe vlot je huid die grondstof maakt, verschilt sterk van persoon tot persoon en van seizoen tot seizoen. Heb je een getinte of donkere huid, dan doe je er in ons klimaat langer over om dezelfde hoeveelheid aan te maken. Word je ouder, dan wordt je huid dunner en gaat de aanmaak trager. En in de wintermaanden staat de zon simpelweg te laag om de eerste stap überhaupt op gang te brengen. Dat betekent dat de rest van de lopende band soms met weinig grondstof moet werken. Twee stappen voordat het klaar is voor de cel Om van die grondstof naar een bruikbare vorm te komen, gaat vitamine D langs twee stations, een soort lopende band met twee bewerkingen. De eerste bewerking gebeurt in je lever. Daar wordt de grondstof omgezet naar de opslagvorm, en dit is precies de vorm die de huisarts meet als je je bloed laat prikken. Handig voor een overzicht, maar het zegt nog niet alles, want het is nog steeds niet de werkende vorm. De tweede bewerking vindt plaats in je nieren. Daar wordt de opslagvorm omgezet naar de actieve vorm, de hormoonvorm van vitamine D. Pas die actieve vorm is, zoals ik het graag noem, hapklaar voor in de cel. Nu kan vitamine D zich melden bij die aanmeldpunten waar ik het eerder over had en daadwerkelijk iets in gang zetten. Twee stations dus, en pas na allebei is het werk klaar. Waarom magnesium onmisbaar is En hier komt het stuk dat in de reguliere uitleg vaak ontbreekt. Beide bewerkingen, zowel in je lever als in je nieren, hebben magnesium nodig om te kunnen verlopen. Magnesium is de cofactor, de stille meewerker zonder wie de lopende band stil komt te staan. Heb je te weinig magnesium op voorraad, dan kun je nog zoveel vitamine D binnenkrijgen, maar dan blijft een deel gewoon liggen in de grondstoffase. Dat verklaart waarom ik vitamine D en magnesium eigenlijk altijd als een setje bekijk. Zeker omdat we in een druk, vol leven veel magnesium verbruiken. Onder spanning gaat er extra magnesium doorheen, en dat is precies de situatie waarin je je vitamine D juist goed wilt kunnen benutten. Twee stoffen die elkaar nodig hebben, dat is voor mij typisch een kPNI-verhaal. Meten is niet hetzelfde als weten Dit onderscheid tussen de opslagvorm en de actieve vorm verklaart iets wat in de praktijk vaak voor verwarring zorgt. Als de huisarts je bloed prikt, wordt de opslagvorm gemeten. Dat geeft een prima beeld van je voorraad, maar het zegt nog niet of je die voorraad ook goed omzet en gebruikt in de cel. Iemand kan dus een nette voorraad hebben en er in het dagelijks functioneren toch weinig van terugzien, simpelweg omdat er in de omzetting of de herkenning iets stroever loopt. Daarom kijk ik nooit alleen naar een los getal, maar altijd naar het hele plaatje eromheen: hoe iemand leeft, hoeveel rust er is, en of de meewerkers zoals magnesium wel op voorraad zijn. De sleutel en het slot Stel dat je genoeg vitamine D hebt en dat het netjes is omgezet naar de actieve vorm. Dan ben je er nog niet helemaal, want die actieve vorm moet ook nog wórden herkend door de cel. Ik gebruik daar graag het beeld van een sleutel en een slot voor. De actieve vitamine D is de sleutel, en het aanmeldpunt op de cel is het slot. Passen ze op elkaar, dan gaat de deur open en komt de cel in beweging. Nu het interessante: langdurige spanning gooit hier roet in het eten. Bij chronische stress maakt je lichaam veel van het stresshormoon cortisol aan, en dat cortisol vervormt als het ware het slot. De sleutel is er dan wel, maar hij past niet lekker meer, en de deur blijft dicht. Zo kan het gebeuren dat iemand op papier prima vitamine D-waarden heeft, maar er in de cel toch te weinig van merkt. Ik noem dat weleens laag functioneren bij normale waarden, en het laat zien waarom rust en stresshantering ook in dit verhaal meetellen. Waarom optimaal iets ruimer ligt dan het minimum Nog een puzzelstukje. Als je kijkt naar mensen die dicht bij de evenaar wonen en veel in de zon zijn, dan zie je dat hun vitamine D-waarden van nature een stuk hoger liggen dan wat wij in Nederland gemiddeld halen. Dat is het niveau waar ons lichaam eigenlijk op gebouwd is. In de reguliere zorg geldt een lagere ondergrens als voldoende, en dat is prima als vertrekpunt. Vanuit een orthomoleculaire blik kijken we vaak graag naar wat ruimere waarden, altijd afgestemd op de persoon. Belangrijk daarbij: hoger is niet automatisch beter, en juist bij vitamine D is persoonlijk advies op zijn plek. Wat dit voor jou betekent Als je deze drie stappen bij elkaar legt, zie je waarom vitamine D zo'n fijn maar ook precies verhaal is. Er moet genoeg grondstof zijn, die moet netjes worden omgezet met behulp van magnesium, en de cel moet de actieve vorm kunnen herkennen zonder dat stress het slot vervormt. Aanmaak, activatie en herkenning, alle drie tellen ze mee. In het laatste artikel breng ik het praktisch bij elkaar: waar je vitamine D vandaan haalt over het hele jaar, uit zon, uit voeding en waar nodig uit een aanvulling. Lees ook Waarom vitamine D zoveel meer doet dan je denkt Wat je zelf kunt doen om je vitamine D op peil te houden Vitamine D uit voeding, zon en aanvulling: waar je het vandaan haalt
Learn moreWat je zelf kunt doen om je vitamine D op peil te houden
◷ 6 min leestijd In het vorige artikel liet ik zien hoe breed vitamine D eigenlijk meedraait in je lichaam, van je botten en je spieren tot je afweer en je celvernieuwing. Logische vervolgvraag: hoe zorg je er dan voor dat je er genoeg van binnenkrijgt? Daar gaat dit artikel over, met praktische dingen die je gewoon zelf in handen hebt. Je hoeft ze niet allemaal tegelijk te doen. Pak er een paar uit en houd die vol. 1. Benut de zon slim in de zomermaanden Je huid maakt onder invloed van zonlicht zelf vitamine D aan, en dat is verreweg de belangrijkste bron die we van nature hebben. Daar zijn wel twee voorwaarden voor. De zon moet hoog en sterk genoeg staan, en er moet genoeg huid bloot zijn. In de zomermaanden, grofweg van mei tot september, staat de zon in Nederland hoog genoeg. Een stukje van je middagpauze buiten met blote armen en benen doet dan al veel. Verbranden hoeft daar niet bij, sterker nog, dat wil je juist voorkomen. Het gaat om regelmatige, kortere momenten in de zon. Goed om te weten: zodra je je insmeert met zonnebrand houd je een deel van de aanmaak tegen. Dat is geen pleidooi om je nooit meer in te smeren, want je huid beschermen blijft belangrijk. Het is vooral een reden om die korte blootstelling bewust in te plannen en daarna pas te smeren, of je te bedekken. 2. Weet in welke maanden er weinig bijkomt Dit is het stuk dat veel mensen verrast. Van ongeveer november tot maart staat de zon in Nederland te laag om je huid nog vitamine D te laten maken, hoe lang je ook buiten loopt. In die maanden teer je dus in op wat je in de zomer hebt opgebouwd en op wat je uit voeding haalt. Alleen al dat weten helpt, want het maakt duidelijk waarom vitamine D juist in het najaar en de winter aandacht vraagt. 3. Haal vitamine D ook uit je bord Voeding levert minder vitamine D dan de zon, maar het telt wel mee, dus laat het niet liggen. De rijkste bronnen zijn vette vis zoals zalm, haring en makreel. Daarnaast zit er wat vitamine D in eieren, in schelp- en schaaldieren en in paddenstoelen. Probeer een paar keer per week vette vis op je menu te zetten. Vind je vis niet elke week haalbaar, wissel dan af met eieren en de andere bronnen, zodat er in elk geval regelmatig iets binnenkomt. 4. Eet vitamine D samen met wat vet Een praktische die weinig mensen kennen: vitamine D is vetoplosbaar. Dat betekent dat je lichaam het beter opneemt als er wat vet bij zit. Vette vis regelt dat vanzelf, maar bij bijvoorbeeld paddenstoelen helpt het om ze in wat olijfolie te bakken. Zo eenvoudig, en het scheelt in hoeveel je er daadwerkelijk van binnenhoudt. 5. Kom vaker naar buiten en beweeg Buiten zijn doet meer dan alleen vitamine D. Beweging en daglicht helpen je hele systeem, van je stemming tot je nachtrust. Maak er een gewoonte van om overdag even naar buiten te gaan, ook in de wintermaanden. Je maakt dan misschien geen vitamine D aan, maar het daglicht en de beweging zijn op zichzelf al waardevol, en in de zomer profiteer je dubbel. 6. Denk aan magnesium als meewerker Nu een stukje dat vanuit de kPNI vaak vergeten wordt. Vitamine D kan zijn werk in je lichaam pas doen nadat het is omgezet naar een actieve vorm, en bij die omzetting is magnesium onmisbaar. Ik noem magnesium daarom graag een cofactor, een meewerker die op de achtergrond zorgt dat de hoofdrolspeler zijn ding kan doen. Magnesium haal je onder andere uit groene groenten, noten, zaden en peulvruchten. Zorg je goed voor je magnesium, dan help je je vitamine D indirect ook. In het volgende artikel leg ik precies uit hoe dat samenspel werkt. 7. Houd rekening met jouw eigen situatie Niet iedereen maakt even makkelijk vitamine D aan, en het is goed om te weten waar jij staat. Heb je een getinte of donkere huid, dan doe je er in ons klimaat een stuk langer over om dezelfde hoeveelheid aan te maken. Ben je ouder dan een jaar of vijftig, dan wordt je huid dunner en maakt die minder vlot vitamine D. Werk je veel binnen, ga je bedekt door het leven, ben je zwanger of eet je volledig plantaardig, dan zijn dat allemaal redenen om er extra alert op te zijn. Herken je jezelf hierin, dan is het slim om vitamine D het hele jaar door op je netvlies te houden. 8. Laat je waarde eens prikken Wil je het echt weten in plaats van gokken, dan kun je je vitamine D in je bloed laten meten. De huisarts kijkt daarbij naar de opslagvorm in je bloed. Dat geeft een prima eerste beeld van waar je ongeveer zit. Vanuit een orthomoleculaire bril kijken we vaak naar wat ruimere waarden dan de ondergrens die medisch als voldoende geldt, maar laat je daarin altijd persoonlijk adviseren door iemand die er verstand van heeft. Zo'n meting is een fijn vertrekpunt om gerichte keuzes te maken in plaats van maar wat te doen. 9. Maak er een vast dagmoment van Wat in de praktijk het beste werkt, is er een vaste gewoonte van maken in plaats van het af te laten hangen van of je er die dag aan denkt. Koppel het aan iets wat je toch al elke dag doet, bijvoorbeeld je ontbijt of je lunch. Dat je vette vis, je momentje in de zon of je aandacht voor magnesium een vast haakje krijgt in je dag, scheelt enorm in hoe consistent je het volhoudt. En consistentie is bij vitamine D belangrijker dan af en toe een uitschieter, want je lichaam werkt met een voorraad die je het liefst gelijkmatig aanvult in plaats van met pieken en dalen. Begin klein en houd het vol Kies uit dit rijtje twee of drie dingen die voor jou nu haalbaar zijn en maak daar een gewoonte van. Vitamine D is geen kwestie van één keer goed doen, maar van een gestage basis over het hele jaar. In het volgende artikel duik ik dieper de kPNI in en laat ik zien hoe je lichaam vitamine D eigenlijk aanmaakt en activeert. Als je dat begrijpt, snap je meteen waarom die kleine dagelijkse keuzes zoveel verschil maken. Lees ook Waarom vitamine D zoveel meer doet dan je denkt De diepere laag onder je vitamine D: hoe je lichaam het aanmaakt en activeert Vitamine D uit voeding, zon en aanvulling: waar je het vandaan haalt
Learn morePigmentvlekken en je hormonen: de verbinding van binnenuit
Pigmentvlekken hebben lang niet alleen met de zon te maken. Ontdek hoe je hormonen, zoals oestrogeen, meespelen bij het ontstaan van pigment.
Learn moreDe lever, je hormoonbalans en je huid
Je lever verwerkt hormonen zoals oestrogeen. Ontdek hoe een soepel werkende lever samenhangt met je hormoonbalans, en waarom je huid daar een afspiegeling van kan zijn.
Learn moreGifstoffen, je lever en je huid: hoe hangt dat samen?
Je lever verwerkt dagelijks stoffen die je lichaam kwijt moet. Ontdek hoe dat proces samenhangt met je hormonen en waarom je huid er een afspiegeling van kan zijn.
Learn moreDe vergeten oorzaak van doffe huid
◷ 6 min leestijd Je kent dat vast wel. Je kijkt 's ochtends in de spiegel en je huid mist een beetje glans. Ze oogt wat vaal, wat mat, alsof het licht er niet meer zo mooi op valt als een paar jaar geleden. Je verzorging is niet veranderd, je doet eigenlijk alles nog hetzelfde, en toch is die frisse aanblik er niet altijd meer. Heel veel vrouwen herkennen dit, en bijna iedereen zoekt de oorzaak eerst aan de buitenkant. En dat is logisch, want de huid is nu eenmaal het orgaan dat je ziet. Toch mis je daarmee vaak het belangrijkste deel van het verhaal. Vanuit mijn achtergrond als orthomoleculair therapeut kijk ik namelijk altijd verder dan de bovenlaag. Een doffe huid is eigenlijk zelden alleen een kwestie van welke crème je gebruikt. Ze vertelt vooral iets over wat er ónder die bovenlaag gebeurt. Wat een doffe huid eigenlijk is Laten we bij het begin beginnen. Een doffe huid is geen aandoening en ook geen typefout in je genen. Het is een toestand. Je huid weerkaatst het licht minder mooi, ze oogt wat grauw en de frisheid is eruit. Dat komt doordat de bovenste laag van je huid, de laag die je ziet, minder glad en minder goed gevuld is dan wanneer ze in topvorm is. Je moet je voorstellen dat een gladde, goed gevulde huid het licht mooi terugkaatst, net zoals een appel die je net geplukt hebt mooi glanst. Leg diezelfde appel drie weken op de fruitschaal en de glans verdwijnt, hij wordt wat rimpelig en mat. Dat heeft alles te maken met vocht en met de opbouw eronder. Bij je huid werkt het eigenlijk precies zo. Je huid ligt op een lopende band Iets wat heel veel mensen niet weten: je huid is voortdurend bezig zichzelf opnieuw te maken. Diep in de huid worden nieuwe cellen aangemaakt, die langzaam naar boven schuiven en uiteindelijk aan de oppervlakte loslaten. Je moet je dat voorstellen als een lopende band die dag en nacht doordraait. Alles wat je aan de bovenkant ziet, is het resultaat van wat er weken geleden onderin begon. En die lopende band heeft materiaal nodig. Bouwstoffen, noem ik ze altijd. Elk nieuw deel van je huid wordt gemaakt van wat jij aan je lichaam aanbiedt via je voeding. Krijgt je lichaam een ruime, gevarieerde stroom aan bouwstoffen, dan heeft die band genoeg om mee te werken. Is het aanbod een periode wat mager, veel snelle happen en weinig groente, dan werkt de band gewoon door, maar met minder mooi materiaal. Dat zie je uiteindelijk terug in hoe je huid oogt. Dit is meteen de reden dat verzorging van buitenaf maar de helft van het verhaal is. Een crème verzorgt de bovenlaag, en dat is fijn en belangrijk. Maar de kwaliteit van wat er op die band gemaakt wordt, bepaal je vooral van binnenuit. De vergeten oorzaak: wat er van binnenuit meespeelt Hier komt het deel waar het in dit artikel echt om draait. Als ik in de praktijk naar een doffe huid kijk, zijn er een paar dingen die ik telkens weer terugzie. En ze hebben allemaal met de binnenkant te maken. Suiker en het verhaal van glycatie Dit is er eentje die weinig mensen kennen, en die eigenlijk heel belangrijk is. In je huid zit een stevig netwerk dat voor stevigheid en veerkracht zorgt. Als je door de dag heen veel suiker en snelle koolhydraten eet, gebeurt er iets bijzonders: die suikers kunnen zich vastzetten aan de eiwitten in dat netwerk. Dat proces heet glycatie. Je moet je voorstellen wat er dan gebeurt. Die eiwitten waren eerst soepel en veerkrachtig, en door die vastgeplakte suikers worden ze stugger en stijver. Het netwerk verliest een beetje van zijn vulling en van zijn souplesse. En laat dat juist de eigenschappen zijn die een huid haar frisse, gladde aanblik geven. Een leven met veel pieken en dalen in je bloedsuiker laat daardoor op termijn sporen na in hoe je huid oogt. Vrije radicalen, de Pac-Man in je cellen Dan het tweede. In je lichaam ontstaan de hele dag door kleine, onstabiele deeltjes die we vrije radicalen noemen. Ze komen vanzelf vrij bij van alles, en daarnaast door zon, roken, alcohol en spanning. Ik vergelijk ze altijd met Pac-Man, die door je cellen heen happen. Op zichzelf hoort dat er gewoon bij, je lichaam is erop gebouwd om ze op te ruimen. Maar als er lange tijd meer van die happers rondgaan dan je lichaam kan bijhouden, dan hebben ze invloed op de kwaliteit van je cellen en je huid. Je lichaam ruimt ze op met behulp van antioxidanten, en die haal je voor een groot deel uit kleurrijke groente en fruit. Eet je daar weinig van, dan heeft je lichaam minder materiaal om die happers af te remmen. Vocht en de beschermlaag En dan het derde, dat vaak onderschat wordt. Helemaal aan de buitenkant heeft je huid een beschermlaag die je vocht binnenhoudt. Je moet je die voorstellen als een muurtje van bakstenen, met specie ertussen. De huidcellen zijn de bakstenen, de vetten daartussen zijn de specie. Zolang dat muurtje netjes dicht is, houdt je huid haar vocht vast en blijft ze mooi gevuld. Raakt die specie uitgeput, bijvoorbeeld door te heet douchen of te veel verschillende producten door elkaar, dan verliest je huid sneller vocht. En een huid die te weinig vocht vasthoudt, oogt al snel wat dof en mat. Precies dat vulling-effect van de verse appel, dat verdwijnt dan een beetje. Slaap en herstel Nog zoiets. De nacht is voor je lichaam de tijd om op te ruimen en te herstellen, en je huid maakt daar dankbaar gebruik van. Juist in je diepe slaap draait dat herstel op volle toeren. Slaap je een periode kort of onrustig, dan krijgt dat werk minder ruimte. Dat merk je niet na één nacht, maar na een paar weken oogt je huid vaak wat vermoeider en minder fris. Weet je, slaap is eigenlijk een van de meest onderschatte vormen van huidverzorging die er is. Waarom je dit als één geheel moet zien Wat ik je vooral wil meegeven: een doffe huid ontstaat bijna nooit door één ding. Het is meestal een samenspel. Een leefstijl met veel suiker, weinig kleur op je bord, wat weinig slaap en een beschermlaag die aan de buitenkant is uitgeput. Al die factoren samen bepalen hoe fris je huid oogt. Het fijne is dat je aan bijna al die factoren zelf iets kunt doen. En dat hoeft niet met een enorme ommezwaai. In het volgende artikel loop ik met je langs de praktische dingen die in mijn ervaring het meeste verschil maken, zonder dat je je leven op de kop hoeft te zetten. Lees ook Wat kun je zélf doen bij doffe huid? Praktische tips De diepere laag achter doffe huid Hoe je je lichaam gericht ondersteunt bij doffe huid
Learn moreWat kun je zélf doen bij doffe huid? Praktische tips
◷ 6 min leestijd In het vorige artikel nam ik je mee in waar een doffe huid vandaan komt: een lopende band die goede bouwstoffen nodig heeft, suiker die je huid stugger maakt, vrije radicalen die je cellen belasten en een beschermlaag die aan de buitenkant uitgeput kan raken. Nu het leukste deel, want hier heb je het meest aan. Hieronder loop ik langs de dingen die in mijn ervaring het meeste verschil maken. Je hoeft ze echt niet allemaal tegelijk te doen. Kies er twee of drie en houd die een paar weken vol. 1. Zet meer kleur op je bord Ik begin hier bewust, want dit is misschien wel het simpelste en tegelijk het meest onderschatte. Je huid vernieuwt zich continu en gebruikt daar bouwstoffen voor die uit je eten komen. Hoe gevarieerder en kleurrijker je eet, hoe breder het aanbod aan voedingsstoffen. Probeer eens bewust op kleur te letten bij je groente en fruit: groen, rood, oranje, paars. Al die kleuren staan voor verschillende antioxidanten, en dat zijn precies de stoffen die je lichaam gebruikt om die vrije radicalen af te remmen. Je hoeft geen ingewikkelde lijsten bij te houden, gewoon meer kleur is al de halve winst. 2. Houd je bloedsuiker rustig Weet je nog dat verhaal over suiker die zich vastzet aan je huideiwitten? Daar kun je dagelijks iets aan doen. Een ontbijt van alleen snelle koolhydraten geeft een piek en daarna een dip, en dat patroon herhaalt zich de hele dag. Combineer je koolhydraten steeds met wat eiwit en vezels: yoghurt met noten, volkorenbrood met ei, een stuk fruit samen met een handvol walnoten. Je bloedsuiker blijft dan gelijkmatiger, en dat scheelt niet alleen voor je huid maar ook voor je energie. 3. Eet bij elke maaltijd een bron van eiwit Je huid is voor een groot deel opgebouwd uit eiwit. De bouwstoffen daarvoor, de aminozuren, haal je uit je voeding. Zorg daarom dat er bij elke maaltijd een bron van eiwit op je bord ligt: ei, vis, vlees, peulvruchten, noten of zaden. Ik zeg altijd dat je je lichaam daarmee het basismateriaal geeft waar het de hele dag mee doorwerkt op die lopende band. 4. Drink verspreid over de dag Je huid staat een beetje achteraan in de rij als het om vocht gaat. Je lichaam bedient eerst de belangrijke organen, en wat overblijft gaat naar je huid. Een fles water op je bureau en een glas bij elke maaltijd is een van de makkelijkste basisdingen die je kunt doen. Een goed gehydrateerde huid oogt vanzelf wat voller en frisser. 5. Reinig mild en met lauw water Nu naar de buitenkant. Heet water en stevig schuimende reinigers halen precies die beschermende vetlaag weg die je juist wilt behouden, de specie tussen je bakstenen. Was je gezicht met lauw water, gebruik een milde reiniging en boen niet. Dep je gezicht daarna droog in plaats van te wrijven. Klinkt als een kleinigheid, maar over de weken opgeteld scheelt dit echt in hoe je huid aanvoelt en oogt. 6. Breng je verzorging aan op een licht vochtige huid Een simpele en heel effectieve gewoonte. Als je je verzorging aanbrengt meteen na het wassen, wanneer je huid nog een beetje vochtig is, sluit je dat aanwezige vocht als het ware in. Wacht je tot je helemaal droog bent, dan is een deel van dat vocht al verdampt. Zoek daarbij naar producten die je beschermlaag opbouwen, met vetachtige bestanddelen zoals ceramiden. 7. Vergeet je zonbescherming niet De zon is een van de grootste redenen dat een huid vroeg haar frisheid en veerkracht verliest. Zonlicht zet namelijk extra vrije radicalen in gang, die happers uit het eerste artikel weer. Een dagcrème met een beschermingsfactor is daarom een van de weinige dingen waarvan ik zeg: doe dat gewoon elke dag, ook als het bewolkt is. Het is de meest onderschatte vorm van huidverzorging op de lange termijn. 8. Geef je slaap echt aandacht Ik zet deze bewust in het rijtje, want slaap wordt zo vaak overgeslagen terwijl het veel gewicht heeft. In je diepe slaap draait het herstel van je huid op volle toeren. Probeer rond dezelfde tijd naar bed te gaan en op te staan, ook in het weekend. Regelmaat werkt daarbij beter dan af en toe een lange nacht inhalen. 9. Bouw rust in tegen spanning Als je langere tijd in de hoogste versnelling staat, merkt je lichaam dat op allerlei plekken, en je huid is daar een van. Spanning gaat namelijk ten koste van herstel. Bouw daarom ergens in je dag een moment in waarop je echt even niks doet: een korte wandeling zonder telefoon, een paar minuten rustig ademhalen. Je hoeft er geen uur voor vrij te maken, het gaat om de regelmaat. 10. Blijf van je gezicht af en verschoon je kussensloop Twee praktische gewoonten die je zo kunt oppakken. Aan je gezicht zitten en pulken houdt onrust langer aan, dus probeer je handen wat vaker rustig te houden. En op je kussensloop verzamelt zich van alles wat vervolgens de hele nacht tegen je wang ligt. Verschoon je sloop twee keer per week, zo simpel is het. 11. Kom in beweging Beweging is een van de meest onderschatte dingen voor je huid, en het kost je geen extra product. Als je in beweging komt, gaat je hart wat sneller en gaat je doorbloeding omhoog. En laat je huid juist een orgaan zijn dat wat achteraan in de rij staat als het om doorbloeding gaat. Door regelmatig te wandelen, te fietsen of iets te doen waar je een beetje warm van wordt, help je de aanvoer van voedingsstoffen naar je huid op gang. Je hoeft er niet voor naar de sportschool, een stevige wandeling elke dag doet al veel. Ik merk in de praktijk dat vrouwen die dagelijks even naar buiten gaan, vaak ook een frissere aanblik houden. En het mooie is: beweging helpt ook je bloedsuiker rustiger te houden en je spanning te laten zakken, twee dingen die we hierboven al tegenkwamen. Zo doe je met één gewoonte eigenlijk meerdere dingen tegelijk voor je huid. Hoe je dit volhoudt Het geheim zit hem niet in alles tegelijk doen, maar in volhouden. Kies twee of drie punten uit dit lijstje en houd die een aantal weken vol voordat je iets nieuws toevoegt. Je huid heeft die tijd echt nodig, want een volledige ronde op die lopende band duurt al gauw een paar weken. Ga je alles tegelijk omgooien, dan weet je achteraf niet wat het verschil maakte. In het volgende artikel duik ik wat dieper in de laag eronder: wat er precies in je huid gebeurt, en welke voedingsstoffen daar een rol in spelen. Want als je begrijpt waaróm iets werkt, wordt het een stuk makkelijker om vol te houden. Lees ook De vergeten oorzaak van doffe huid De diepere laag achter doffe huid Hoe je je lichaam gericht ondersteunt bij doffe huid
Learn moreDe diepere laag achter doffe huid
◷ 6 min leestijd In de eerste twee artikelen keken we naar wat een doffe huid is en wat je er praktisch aan kunt doen. Nu gaan we een laag dieper, naar wat er precies in je huid gebeurt. Want dit is waar mijn vak eigenlijk over gaat: niet alleen kijken naar wat je ziet, maar begrijpen wat eronder speelt. En als je dat eenmaal snapt, ga je anders naar je huid kijken. Je huid is een levend, werkend orgaan We denken bij de huid vaak aan de buitenkant, aan hoe iets eruitziet. Maar je huid is eigenlijk een druk orgaan dat de hele dag aan het werk is. Ze houdt vocht binnen, houdt ongewenste dingen buiten, regelt je temperatuur en vernieuwt zichzelf voortdurend. Diep in de huid zitten kleine fabrieken, de fibroblasten, die het stevige netwerk aanmaken dat je huid haar stevigheid en veerkracht geeft. Dat netwerk bestaat vooral uit collageen, een soort lijmstof die structuur geeft. Interessant om te weten: die fibroblasten werken overdag beter dan 's nachts, en ze hebben de juiste bouwstoffen nodig om hun werk te doen. Zonder goed materiaal maken ze minder mooi netwerk. En een huid met een minder stevig, minder gevuld netwerk oogt eerder vlak en dof. Waarom een huid haar glans verliest Er zijn grofweg drie processen die maken dat een huid haar frisse aanblik verliest. In mijn vak noemen we ze oxidatie, glycatie en ontsteking. Dat klinkt technisch, dus laat me ze in gewone taal uitleggen. Oxidatie: de Pac-Man in je cellen Ik noemde het in het eerste artikel al even. In je lichaam ontstaan de hele dag door onstabiele deeltjes, vrije radicalen. Je moet je die voorstellen als Pac-Man, die door je cellen heen happen. Een beetje daarvan hoort erbij, maar als het er lange tijd te veel worden, belasten ze de kwaliteit van je huidcellen. Zon, roken, alcohol en spanning zetten er extra veel in gang. Je lichaam heeft een tegenploeg om die happers af te remmen, en dat zijn de antioxidanten. Een aantal voedingsstoffen speelt daar een erkende rol in. Zo helpt vitamine C de cellen beschermen tegen oxidatieve schade, en helpt bètacaroteen daar eveneens bij.1 Die haal je uit kleurrijke groente en fruit, en dat is precies de reden dat ik altijd hamer op kleur op je bord. Glycatie: suiker die je huid stugger maakt Het tweede proces. Als je door de dag heen veel suiker eet, kunnen die suikers zich vastzetten aan de eiwitten van je collageennetwerk. Dat heet glycatie. De soepele, veerkrachtige vezels worden daardoor stugger en stijver, en het netwerk verliest een beetje van zijn vulling. Je moet het je voorstellen als een matras waarvan de veren langzaam vastroesten: het verende, soepele gevoel gaat eruit. Bij je huid zie je dat terug als verlies van glans en veerkracht. De rol van collageenvorming Dat collageennetwerk wordt gelukkig steeds opnieuw aangemaakt, en daar heeft je lichaam bepaalde bouwstoffen en meewerkers voor nodig. Een belangrijke meewerker is vitamine C. Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid.1 Ik noem zulke stoffen altijd cofactoren: ze zijn zelf niet de baksteen, maar zonder hen komt de muur niet omhoog. Je kunt dus wel bouwstoffen aanleveren, maar zonder die cofactoren stokt het werk. De bouwstoffen die op stofniveau meedoen Als je inzoomt op welke voedingsstoffen een erkende rol spelen voor de huid, dan zie je dat het er een aantal zijn, en dat ze uit heel verschillende hoeken van je voeding komen. Ik zet de belangrijkste even op een rij, in gewone taal. Vitamine C helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit en draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid.1 Zink helpt eveneens bij de verzorging van de huid van binnenuit en is belangrijk voor de huid.2 Biotine helpt een normale huid in stand houden.3 Vitamine B3 draagt bij aan het behoud van een normale huid.4 En bètacaroteen draagt bij aan het behoud van een normale huid.5 Stuk voor stuk geen wondermiddelen, gewoon stoffen die meedraaien in het dagelijkse werk van je lichaam. Wat me hierbij altijd opvalt: die stoffen komen uit heel verschillende bronnen. Vitamine C uit citrusfruit en paprika, zink uit vlees, noten en zaden, bètacaroteen uit oranje en groene groente, de B-vitamines uit ei en volkoren producten. Eén product op je bord dekt dat nooit. Variatie is dus geen modewoord, maar gewoon praktisch. Slaap, herstel en het ritme van je lichaam En dan is er nog het ritme van je lichaam. De nacht is de tijd waarin je huid herstelt en opruimt. Slaap je een periode kort, dan krijgt dat werk minder ruimte. Ook spanning speelt mee, want als je lang in de hoogste versnelling staat, gaat dat ten koste van herstel. Je ziet dus dat de binnenkant en de buitenkant voortdurend met elkaar in gesprek zijn. Waarom je dit samen moet bekijken Als je alleen naar je huid kijkt, mis je de helft. Als je alleen naar je voeding kijkt, ook. De kracht zit in de combinatie: je huid van buiten rustig verzorgen, je leefstijl zo inrichten dat je lichaam ruimte krijgt om te herstellen, en van binnenuit zorgen voor een brede basis aan bouwstoffen en cofactoren. Zo geef je die fabrieken in je huid het beste materiaal om mee te werken. In het laatste artikel van deze reeks laat ik zien hoe je dat stuk van binnenuit praktisch aanpakt, en welke voedingsstoffen daarbij een erkende rol spelen. 1 Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid, helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit en helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade; bètacaroteen draagt bij aan het behoud van een normale huid en helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade.2 Zink helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit en is belangrijk voor de huid.3 Biotine helpt een normale huid in stand houden en helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit.4 Vitamine B3 draagt bij aan het behoud van een normale huid.5 Bètacaroteen draagt bij aan het behoud van een normale huid. Lees ook De vergeten oorzaak van doffe huid Wat kun je zélf doen bij doffe huid? Praktische tips Hoe je je lichaam gericht ondersteunt bij doffe huid
Learn more


